Paul_van_Gerven

Paul van Gerven is redacteur van Bits&Chips.

30 October 2014

Beroepshalve ben ik de afgelopen paar jaar veel bij (voormalig) Philips-medewerkers over de vloer geweest. In december krijgt u in onze Philips-special een voorproefje van wat deze interviews hebben opgeleverd, maar daar gaat het nu even niet om. Wat opviel, was dat die gesprekken vaak op dezelfde manier eindigden: in mineur. Als de recorder uit was, schoof de vrouw des huizes – vroeger waren techneuten nu eenmaal allemaal man – nog even aan om het hart te luchten over hoe Philips niet meer is wat het was.

Ik voel dit sentiment ook. Dat ik te jong ben om de gloriejaren van Philips bewust te hebben meegemaakt, maakt niet uit. Het merk heeft zich in het collectieve bewustzijn van alle Nederlanders genesteld door een beetje de Apple van toen te zijn. Mensen gingen weliswaar niet een nacht in de rij liggen om als eerste de nieuwste tv of cd-speler van Philips te bemachtigen, maar Philips, ja, dat was wat. Een bedrijf om te bewonderen en trots op te zijn. Wat dan weer niet betekende dat je never nooit een Sony of Samsung zou kopen, maar dat terzijde.

Met dit in het achterhoofd is er eigenlijk verrassend positief gereageerd op de aankondiging dat Philips wordt opgesplitst. Media en industry watchers stonden er vrijwel zonder uitzondering achter dat Lighting, de activiteit waar het nota bene allemaal mee begonnen is, op eigen benen wordt gezet.

Alleen FNV Bondgenoten sprak van ‘verraad’. Deze mensen willen kennelijk nog 25 jaar doormodderen. Timmer, Boonstra, Kleisterlee – geen van hen heeft Philips weten om te vormen tot een stabiel en wendbaar bedrijf. Om de zoveel tijd dook er weer een nieuwe saneringsronde op of werden activiteiten afgestoten. Het werknemersbestand is van driehonderdduizend in de jaren tachtig naar ruim honderdduizend nu gegaan. Wat nadien overbleef, was iedere keer weer een kleinere maar nog steeds slechts mondjesmaat groeiende onderneming, die er niet in slaagde te laten zien dat het geheel meer is dan de som der delen.

Natuurlijk is een splitsing niet zonder risico’s, maar het grootste risico hebben de werknemers bij Philips zelf in de hand. Ofwel heeft Frans van Houtens Accelerate!-programma om urgentie en snelheid in het bedrijf te krijgen, zijn uitwerking niet gemist en is zelfstandigheid een logische volgende stap, ofwel de stroperigheid is zo taai dat zij alleen kan worden uitgeroeid door de existentiële angst van op eigen benen moeten staan. In dat laatste geval wacht een moeilijke periode zoals NXP die heeft moeten doorstaan.

Strategisch lijken de zaken er voor beide Philips-bedrijven zeker niet slecht voor te staan. Waar veel lichtbedrijven worstelen met de afbouw van traditionele verlichting, brengt Philips ledproductie onder in een zelfstandig bedrijf. Lighting kan zich zodoende concentreren op het ontwikkelen en leveren van oplossingen, waar de meeste toegevoegde waarde zit.

Philips Healthtech heeft eveneens een sterke troef in handen. De verwachting is dat mobiele elektronica zich steeds meer gezondheidsfuncties aanmeet en zal vergroeien met de professionele gezondheidszorg, zodat preventie, diagnostiek, behandeling en nazorg een continuüm gaan vormen van huis tot ziekenhuis. Healthtech kan uitbuiten dat het al in ziekenhuizen aanwezig is, iets wat mobieltjesreuzen als Apple, Google en Samsung niet kunnen zeggen.

We moeten ten slotte ook rekening houden met de mogelijkheid dat de zelfstandige bedrijven op termijn worden overgenomen: Lighting omdat het met een omzet van zeven miljard euro een hapklare brok is geworden, Healthtech omdat het een strategische positie in ziekenhuizen heeft. Zo bezien, kan Van Houtens moedige stap het begin van het einde betekenen voor het grote Philips. Noem me sentimenteel, maar dat scenario zie ik toch niet zo zitten.