Joost_Backus_01

Joost Backus is op sabbatical in Berlijn.

3 October 2010

In Duitsland is de kogel door de kerk. De eigenlijk al afgeschreven kerncentrales mogen nu acht tot veertien jaar langer worden ingezet dan afgesproken. Ik vind het een beetje griezelig. Of het nu oude of nieuwe kerncentrales zijn, vertrouwen doe ik ze allemaal niet. Of in ieder geval vertrouw ik het systeem ’mens en techniek‘ niet helemaal.

In Duitsland beweren ze openlijk dat de kerncentrales veilig zijn. Dat vind ik altijd een boude uitspraak. Een restrisico is er altijd en het rekenen met risico‘s is een verdomd hachelijke en nogal scenarioafhankelijke zaak. Hoe vaak hoor je niet: ’Dat had eigenlijk niet mogen gebeuren‘? Niemand weet ook wat we met het kernafval aan moeten, maar het is duidelijk dat je er verdomde lang op moet passen, honderdduizenden jaren. Dat vegen ze een beetje onder het tapijt.

De meeste centrales zijn twintig tot veertig jaar oud. Ik stel me dan voor dat er nog lekker oud materiaal in zit met sensoren en elektronica die helemaal niet meer te krijgen zijn. Natuurlijk worden in deze sector hoge eisen gesteld, maar niemand heeft eigenlijk veel ervaring met ’oude‘ hoogtechnologie in een stralingsomgeving. In ieder geval is bij oude technologie de functie vaak wat eenvoudiger te doorgronden en in de goede oude tijd werd er wat ambachtelijker gewerkt. Componenten werden niet over de hele wereld uitbesteed en ontwikkeling van technische software werd nog niet zo vaak geoffshored naar vage clubs in verre landen met veelkleurige certificaten. Dat maakt het geheel nog een beetje draaglijk, maar toch.

Duitsland, ’ambachtelijkheid‘ en – na lang nadenken – ’doen‘ hoorden voor mij toch een beetje bij elkaar. Voor mij was Duitsland toch een soort gidsland waar het rond de inzet van energie uit hernieuwbare bronnen niet bleef bij leeg geklets, maar waar daadwerkelijk vele hectaren aan zonnecellen op de daken verschenen en waar een mix van vele nieuwe energietechnologieën opbloeide met dito innovaties en stimulering van het technische mkb. Met die afgeschreven centrales kunnen ze nu heel goedkoop energie opwekken. En dat spoelt miljarden in de koffers van multinationals zoals RWE, dat ook in Nederland actief is en Essent heeft overgenomen.

Ik vind die hele ontwikkeling een forse rem op vernieuwing. Hopelijk maken ze niet dezelfde fout als de Duitse automobielindustrie. Toyota met de Prius werd de trendsetter. Onze buurontwikkelaars met Vorsprung durch Technik hoog in het vaandel hebben hier eigenlijk nog altijd geen goed duurzaam antwoord op. BMW klooit een beetje met batterij-Mini‘s en Mercedes met een brandstofcellenmodel. Maar in de showroom is er nog niet veel te koop. Ik vond de testrit met een Elektro-Smart in Berlijn wel spannend, maar het duurt nog wel even voordat we daar iets van terugzien. Het is grappig dat zelfs de notoir kritische Berlijnse taxichauffeurs die ik spreek razend enthousiast zijn over de Prius. Eentje stelt er zelfs dat het de beste auto is die hij in de laatste twintig jaar heeft gehad (inclusief ervaringen rond het merk met de ster).

Juist in de transportsector had de koppeling van bijvoorbeeld nieuwe batterijtechnologie in auto‘s, waarbij de accu kan optreden als energiebuffer voor piekmomenten, heel nieuwe modellen voor energievoorziening mogelijk kunnen maken. Een geïntegreerde aanpak van mobiliteit, smart grids en decentrale energieopwekking, dat zou een mooie innovatiekluif zijn, daar zou een voorsprong uit hebben kunnen ontstaan. Maar helaas, Duitsland verkiest nu de technologie uit de achteruitkijkspiegel, beetje geld afromen en lief zijn voor grote concerns boven daadwerkelijke vernieuwing en de stimulering van innovatieve kleinere bedrijven.