Nieuwe technologie bereikbaarder voor lager opgeleiden

Heico Sandee is directeur van Smart Robotics.

Leestijd: 3 minuten

Met de uitspraken van minister Asscher over robotisering vorig jaar september is de Tweede Kamer het debat gestart over de invloed van technologie op de arbeidsmarkt. Specifiek richt deze discussie zich op de robotisering, waarop het Rathenau Instituut onlangs het rapport ‘Werken aan de robotsamenleving’ publiceerde. Hierin worden de twee tegengestelde visies op dit vraagstuk uitgelegd en uitgediept. ‘In de ene visie leidt innovatie tot economische groei, banengroei en een acceptabele verdeling van de welvaart. De andere visie houdt in dat verhoging van de arbeidsproductiviteit door innovatie (door arbeidsbesparende technologie) juist leidt tot minder werk, tot een lagere koopkracht en consumptie, en tot krimpende winsten en markten en een krimpende welvaart.’ Helaas durft het rapport geen antwoord te geven op de vraag welke visie het meest waarschijnlijk is. ‘De relatie tussen technologische ontwikkeling en werkgelegenheid is zeer complex. Wetenschappelijk onderzoek kan eenmaal niet de toekomst voorspellen.’

Evident is dat de verdeling van het personeel alsook de competenties van het personeel binnen de bedrijven gaan veranderen, met een zwaartepuntverschuiving naar het werken met de robots. Het onlangs verschenen rapport van onderzoeksgroep BCG getiteld ‘Man and machine in Industry 4.0’ specificeert en onderbouwt dit zeer helder met getallen vanuit een onderzoek binnen de Duitse industrie. Tegelijk komt er meer ruimte voor het vakmanschap. Een gespecialiseerde montagewerker die nu typisch slechts voor dertig procent van zijn tijd bezig is met zijn vak kan worden ondersteund in de toe- en afvoer van materialen en krijgt zo meer ruimte om weer vakman te zijn.

Beide rapporten sluiten af met een serie adviezen voor de overheid en de industrie. In de basis is het advies om vroegtijdig te investeren in fysieke infrastructuur en te bouwen aan een adequate kennisinfrastructuur. Investeringen in scholing worden specifiek genoemd om ervoor te zorgen dat mensen de juiste vaardigheden hebben voor het werk van de toekomst. Ook in het Rondetafelgesprek van 7 september in de Tweede Kamer waaraan ik mocht deelnemen, waren de vragen veelal gericht op onderwijszaken.

This article is exclusively available to premium members of Bits&Chips. Already a premium member? Please log in. Not yet a premium member? Become one and enjoy all the benefits.

Login