Na veroveren high-end snijmachinemarkt richt HGG zich op lage segment

René Raaijmakers
Leestijd: 12 minuten

HGG veroverde de wereld met high-end snijmachines voor de offshore, scheepsbouw en constructiemarkt. Intussen heeft het bedrijf uit Wieringerwerf een serieproduct voor het lage segment, de Procutter. De R&D en productontwikkeling bij HGG is graatmager en het uitbesteden tot een kunst verheven. HGG koos de Filippijnen uit als productielocatie voor de Procutter. Ook laat het bedrijf er software ontwikkelen. HGG‘s technische man Jack Kistemaker over de ademruimte die outsourcing geeft.

In de constructiehal van HGG in Wieringerwerf staan buizensnijmachines in alle soorten en maten. De grootste is een gevaarte waarop een buis ligt van een paar meter in doorsnee. HGG levert dit soort snijmachines op maat voor de olie-industrie en voor constructeurs van windmolens. ’Bij echt grote projecten in de offshore praat je over buizen van vijftig meter lang, acht meter doorsnede en wanddiktes van dertig centimeter en een gewicht van honderd ton‘, zegt Jack Kistemaker, technisch manager bij HGG.

Het zijn grote afmetingen, maar het snijwerk is precisietechnologie. De machines van HGG snijden constructies van tientallen meters met een nauwkeurigheid van 1 millimeter. Dat is geen sinecure bij de krachten die ermee zijn gemoeid. Een stalen buis met een diameter van 8 meter en een wanddikte van 30 centimeter zakt bijvoorbeeld 8 centimeter door als hij op een snijmachine ligt. Met die vervorming moet het snijproces rekening houden. Het vraagt daarom nogal wat van de ontwerpsoftware, machinebesturing en metrologie om in dergelijke situaties een nauwkeurigheid van een millimeter te bereiken.

This article is exclusively available to premium members of Bits&Chips. Already a premium member? Please log in. Not yet a premium member? Become one and enjoy all the benefits.

Login