Inspirerende koopman-koning

Dennis Schipper is CEO van Demcon.

Leestijd: 3 minuten

Hoewel het topsectorenbeleid een goede stap is, krijgt onze maakindustrie lang niet altijd de aandacht die ze verdient, afgemeten aan bijvoorbeeld haar economische (export)waarde. Gelukkig zijn er soms van die evenementen waar de maakindustrie wel volop in de schijnwerpers staat. Zo mocht ik op 8 mei op de Floriade in Venlo de uitreiking van de Koning Willem 1-prijs bijwonen. Aansprekend was vooral het lijstje met nominaties voor de categorie Grootbedrijf: VDL Groep, Fei en Koninklijke Boskalis Westminster. Een mooi lijstje met hightechmaakbedrijven.

De prijs wordt toegekend op de criteria durf, daadkracht, duurzaamheid en doorzettingsvermogen, en is vernoemd – zo motiveerde de prijsuitreikende Koning Willem I Stichting – naar Koning Willem I Frederik van Oranje Nassau (1772-1843). Hij was de eerste koning uit het huis van Oranje en dankte zijn bijnaam ’koopman-koning‘ aan een sterke ondernemersgeest en een goed oog voor het belang van infrastructuur. Hij nam initiatieven voor het herstel van de economische bloei, richtte handelsmaatschappijen op en trad op als investeerder. Zo‘n figuur zou in de huidige crisis als geroepen komen. Onze bestuurders anno nu zijn te veel met zichzelf bezig en hebben te weinig oog voor de industrie en haar economisch belang voor ons land.

Wim van der Leegte, topman van de VDL Groep, is als voorvechter van onze maakindustrie misschien wel de ’koning-koopman‘. De strategie van zijn VDL is er duidelijk op gericht de maakindustrie voor en in Nederland te behouden. ’Koopman-koning‘ Koning Willem 1 zou dat zeker aanspreken en Van der Leegte ging dan ook terecht met de prijs in de categorie Grootbedrijf naar huis.

This article is exclusively available to premium members of Bits&Chips. Already a premium member? Please log in. Not yet a premium member? Become one and enjoy all the benefits.

Login

Related content