Het ongeduld van Evert Rietdijk

René Raaijmakers
Leestijd: 8 minuten

Segula wil doordringen tot in de haarvaten van Nederlandse technologienetwerken. Het vestigde zich naast Eindhoven ook in Twente en ging het afgelopen jaar samenwerkingen aan met drie maakpartijen. Algemeen directeur Evert Rietdijk over zijn ambities.

Met de voeten in de modder, zo ziet Evert Rietdijk zijn ingenieurs graag. Segula wil dat zijn mannen voeling hebben met de hardware in de projecten waaraan ze werken. Daarvoor ging het ingenieursbureau het afgelopen jaar strategische samenwerkingen aan met de maakpartijen GL Precision (nu VDL GL Precision), Wilting en Machinefabriek de Valk uit Valkenswaard.

Rietdijk slaat deze weg in vanwege de trends die hij ziet in de automotive-industrie – de branche waar het Franse moederbedrijf Segula Group zijn wortels heeft. In plaats van rücksichtslos uit te besteden hebben de grote automerken de neiging om weer meer ontwikkeling naar zich toe te trekken. ‘De automotive-partijen willen dure componenten, zoals een dashboard, niet op tien verschillende plaatsen ontwikkelen en maken. Ze willen één look-and-feel. Het traditionele model was om dit aan één partij uit te besteden en op één plek in de wereld te maken. Maar daarmee kreeg de industrie in veel landen importheffingen voor haar rekening. Daardoor ontstonden er lokale adaptaties, met plaatselijke ontwikkeling en productie.’

This article is exclusively available to premium members of Bits&Chips. Already a premium member? Please log in. Not yet a premium member? Become one and enjoy all the benefits.

Login