Paul van Gerven
3 July 2015

Smit Ovens verslikte zich in een cigs-order en ging begin dit jaar failliet. Na een doorstart vaart het bedrijf nu een behoedzamere koers.

Vorig jaar klopten twee grote dunnefilm-pv-fabrikanten aan bij Smit Ovens. Ze wilden een nieuwe stap maken in de ontwikkeling van hun producten en zagen in Smit de juiste partner om daarvoor een nieuwe generatie kristallisatieovens te bouwen.

De timing had niet beter kunnen zijn. Begin 2011 begon de pv-industrie aan een langdurige en diepe crisis: de eerste tekenen van herstel werden in de tweede helft van 2013 waargenomen, maar de industrie durft pas sinds eind vorig jaar weer enig optimisme te tonen. Niet dat er al die tijd geen behoefte was aan zonnepanelen, integendeel: de vraag groeide meer dan gezond. Door overcapaciteit in de productie raakten de prijzen en marges echter in een duikvlucht.

Deze situatie was ontstaan toen het zwaartepunt van de pv-productie naar Azië was verschoven. Niet zelden met financiële ondersteuning van overheden werd daar in korte tijd zo veel capaciteit bijgezet om silicium zonnecellen te maken, dat de bom vroeg of laat moest barstten. Aanvankelijk werden vooral Amerikaanse en Europese pv-fabrikanten geraakt, maar de crisis bereikte in de loop der tijd ook Azië. Vooral het faillissement van het grote Chinese, maar aan de Amerikaanse beurs genoteerde Suntech in 2013 baarde veel opzien.

Ook de afnemers van Smit werden hard geraakt door de crisis. Het bedrijf uit Son noemt nooit klanten bij naam, maar vermoedelijk ging het om First Solar, dat met zijn cadmiumtelluride (CdTe) zonnecellen bijna een op een concurreert met silicium, en dus net zoveel had te lijden onder de situatie van overcapaciteit als de spelers in het dominante marktsegment. Gelukkig voor Smit ging First Solar door met de ontwikkeling van CdTe-technologie, met order nummer een als resultaat.

Warmtebehandelingen van grote oppervlakken onder speciale condities, dat is het specialisme van Smit, zoals met deze machine voor glasplaten.

De andere order kwam uit het cigs-segment, mogelijk van het Japanse Solar Frontier. Cigs-technologie is minder volwassen dan CdTe, maar ook in deze niche liet de crisis zich voelen. ‘Grote partijen hebben gereageerd door hun ambities op een zijspoor te parkeren’, vertelt directeur Wiro Zijlmans van Smit. De order was alleen daarom al belangrijk: er leek weer wat beweging te komen in wat in de toekomst een even belangrijke afzetmarkt voor Smit zou kunnen worden als CdTe al was.

Zijlmans: ‘Het was een opdracht in de categorie once in a lifetime. We hadden jaren geïnvesteerd in cigs-ontwikkeling. Als de grootste fabrikant ter wereld dan met een opdracht komt, laat je die niet aan je voorbijgaan.’

Spelers van importantie

Het liep mis met de cigs-order. Onder meer vanwege misverstanden in de communicatie en problemen met de software pakte de ontwikkeling van de machine duurder uit dan begroot, en de klant bleek niet bereid om daar een mouw aan te passen. ‘Onze aandeelhouders zijn met extra kapitaalinjecties echt ver gegaan om de opdracht te redden, maar op een gegeven moment is de rek eruit’, aldus Zijlmans.

‘Toen we eenmaal de conclusie hadden getrokken dat we het financieel niet tot een goed einde konden brengen, kwamen we voor de keuze te staan of we ons een faillissement moesten laten overkomen, of dat we zelf de regie zouden grijpen en zouden proberen te redden wat er te redden viel.’

Het werd het laatste. Smit Ovens vroeg begin dit jaar faillissement aan, daarmee verschillende toeleveranciers in de regio duperend, en startte een paar weken later in afgeslankte vorm door als Smit Thermal Solutions. Alle cigs-ontwikkeling staat voorlopig op een warmhoudpitje.

Mocht hij weer zo’n grote en uitdagende opdracht krijgen, dan zal Zijlmans zich toch eens goed achter de oren krabben voor hij ja zegt. ‘We gaan voorzichtiger te werk. Bij een relatief klein bedrijf als dit past een enigszins conservatieve balans tussen voorspelbare en risicodragende omzet. We gaan ook op zoek naar een betere marktspreiding om beter bestand te zijn tegen crisissen zoals we hebben meegemaakt in de pv.’

Toch sluit Zijlmans niet uit dat zijn bedrijf zich op termijn weer zal inlaten met cigs. Dan wil hij wel eerst een paar lichten op groen zien springen. ‘Het zal uiteindelijk wel herstellen, maar ik zie cigs niet op korte termijn weer aantrekkelijk worden voor ons. Daarvoor moet de markt niet alleen groeien, maar ook verbreden – door de crisis zijn er nog maar enkele spelers van importantie actief. Of en wanneer dat zal gebeuren, is bijzonder lastig te voorspellen. Dat hebben we de laatste jaren wel ondervonden.’

Traditionele sterkte

De meest voor de hand liggende manier waarop cigs-pv zou kunnen opleven, is wanneer de kosten-prestatieverhouding op het niveau van silicium wordt gebracht. Sommige mensen vinden cigs-zonnepanelen gewoon mooier, anderen zijn niet zo gecharmeerd van het giftige cadmium, en weer anderen hebben te maken met zeer speciale omstandigheden (zoals zeer hoge temperaturen), maar veel meer verkoopargumenten heeft cigs op dit moment niet.

Een andere optie is dat cigs een markt aanboort waar silicium niets te zoeken heeft. De belangrijkste kandidaat is building-integrated pv (bipv), oftewel bouwcomponenten als gevel- of dakelementen voorzien van geïntegreerde zonnecellen. Flexibiliteit is daarvoor van essentieel belang, op twee manieren: de zonnecellen moeten flexibel zijn om ondanks krommingen in het oppervlak esthetisch verantwoorde producten te kunnen maken en de productie moet flexibel kunnen worden ingericht om een veelheid van producten mogelijk te maken – niemand wil eenheidsworst in de bebouwde omgeving. Voordeel van dit soort maatwerk is dat het bijna noodzakelijk lokaal geproduceerd moet worden; langeafstandstransport van loeizware bouwcomponenten lijkt geen haalbare kaart.

Bipv is een speerpunt van Solliance, een rondom Eindhoven gecentreerd maar internationaal samenwerkingsverband voor dunnefilm-pv, waaronder cigs. ‘Het faillissement van Smit en zijn exit uit de cigs-ovens leek een bijl aan een wortel van de Solliance-boom, maar de schade valt misschien mee’, vertelt Ando Kuypers, programmamanager Solar bij TNO en als zodanig ook betrokken bij Solliance. ‘In het merendeel van de projecten waar Smit uit is weggevallen, lijken we dat te kunnen oplossen. Het enige project dat stilvalt, had heel specifiek betrekking op Smits apparatuur. Het voortbestaan van ons cigs-programma als geheel staat niet ter discussie, maar waar de nadruk voorheen lag op een traditionele sterkte van de Eindhovense regio – de machinebouw – gaan we nu in aanvulling daarop meer werk steken in bipv’, aldus Kuypers.