Paul van Gerven
18 January 2008

CEO Eric Meurice en CFO Peter Wennink konden fraaie resultaten tonen bij de presentatie van ASML‘s jaarcijfers. De omzet in het laatste kwartaal van 2007 viel weliswaar een klein beetje tegen, maar het jaartotaal was een record. De machinebouwer zette 3,8 miljard euro om in 2007, 5,9 procent meer dan het jaar ervoor. Het vierde kwartaal van 2007 droeg daar 973 miljoen euro aan bij. Dat resultaat was in dezelfde periode in 2006 nog 1068 miljoen euro.

Een recordwinst maakte de licht geslonken omzet in ’Q4‘ echter weer goed. Het afsluitende kwart van 2007 leverde ASML 206 miljoen euro op, of 21,2 procent van de omzet. In dezelfde periode een jaar ervoor kwamen de Veldhovenaren tot precies hetzelfde bedrag, maar dat was 19,3 procent van de omzet. De winst over het hele jaar bedroeg 688 miljoen euro, zo‘n tien procent meer dan in 2006.

’De IC-industrie als geheel stond in 2007 onder druk, maar de verkoopcijfers en winst laten onze robuustheid zien‘, blikte een tevreden Meurice terug. Zijn bedrijf verscheepte vorig jaar 235 nieuwe systemen, waarvan twintig Twinscan XT:1900i state-of-the-art immersiescanners die ASML sinds juli levert. De CEO was ook in zijn nopjes met de geboekte vooruitgang op de Japanse markt, de thuisbasis van concurrenten Canon en Nikon. De Brabanders bereikten er een marktaandeel van 20 procent. Het wereldwijde marktaandeel groeide met 2 procentpunt naar 65 procent.

In een kenmerkende gril van de financiële wereld moest ASML zijn uitstekende jaar bekopen met een flinke dip in de beurskoersen. Beleggers zagen in de eveneens naar buiten gebrachte kwartaalcijfers van Intel aanleiding om aan te nemen dat IC-fabrikanten minder chipmachines gaan bestellen. Ook de Amerikaanse hypotheekcrisis en de daaruit voortvloeiende mogelijkheid van een recessie speelt ASML en Intel parten. CEO Paul Otellini van Intel was er echter als de kippen bij om te benadrukken dat hij komend jaar geen negatieve invloed verwacht van een zwakke Amerikaanse economie.

CEO Eric Meurice ziet geen dreiging in de trend naar fablite- en fablessbusinessmodellen.

Fablite

Ook Meurice en Wennink toonden zich optimistisch over het komende jaar. Zij wezen op de double digit-stuksgroei die marktonderzoekers eensgezind projecteerden voor de IC-markt in 2008. ’De lithomarkt drijft op stuksgroei. Chipmakers hebben meer capaciteit nodig als ze meer chips maken‘, lichtte Meurice toe. Eerder had Wennink in zijn presentatie al gewezen op de ’gezond lage‘ chipvoorraden en, belangrijker, op de transitie die Nand-flashmakers gaan maken van zestig-en-nog-wat-nanometerchips naar 4x- en vooral 5x-nanometerchips. ’Deze enorme overgang drijft de behoefte naar immersiemachines op. ASML kan daarmee zijn marktleiderschap uitbuiten‘, zei Wennink.

De verwachtingen van ASML staan in schril contrast met die van analisten, die eensgezind de IC-machinemarkt zien krimpen. Het lithosegment heeft daar echter niet zo‘n last van, denkt Meurice. ’Onze markt is bevoorrecht. Bovendien verwachten we dat er komend jaar een aantal fabs dichtgaan. Dat is altijd goed nieuws voor ons: er worden dan machines besteld voor nieuwe fabrieken.‘

Het enige gevoelige puntje voor de Veldhovenaren is de zwakke marktpenetratie in Taiwan, waar de meeste foundry‘s staan. Halfgeleiderfabrikanten kiezen er steeds vaker voor productie uit handen te geven en het aantal fabs in eigen beheer terug te brengen. Deze trek naar fablite- of fablessbusinessmodellen zou de vraag naar chipmachines kunnen doen dalen, omdat foundry‘s mogelijk efficiënter gebruikmaken van de systemen.

Meurice gelooft echter niet dat ASML onder deze ontwikkeling – als zij al doorzet – hoeft te lijden. ’Onze machines worden in alle fabs efficiënt gebruikt. Veel orders zullen we er niet aan verliezen. Hooguit blijft een order uit die de R&D-afdeling van de fab vroeger bestelde.‘ Meurice ziet een groot pluspunt aan het toegenomen belang van foundry‘s: zij pushen de technologie. ’En dat is goed voor ons. Fablite en fabless zijn belangrijk, maar niet voor ons.‘