‘We moeten het proces de tijd geven’

Reading time: 4 minutes

Author:

Op hightechmetropool Eindhoven zit sinds 2004 de sticker ’Brainport‘. De stichting Brainport, die als doel heeft om de regio op de kaart te zetten, is de laatste tijd veelbesproken en omstreden. Centrale vraag is de positie van de stichting. Hebben bedrijven en kennisinstellingen er wat aan? Bits&Chips wil betrokkenen van Brainport aan het woord laten. Amandus Lundqvist, voorzitter van de raad van bestuur van de TU Eindhoven, geeft de aftrap.

Welke impact heeft Brainport tot nu toe op de TU Eindhoven? Zijn er concrete dingen bereikt?

’Met een gemeenschappelijk platform tussen het bedrijfsleven, de overheid en kennisinstellingen hebben we talloze initiatieven vormgegeven en gestructureerd. Het ons gelukt om een grote uitstraling te krijgen. In de regio en in de richting van politiek en zakenleven. Dat heeft ons onderzoeksspeerpunt goed gedaan. Maar ook privaatpublieke partnerships plukken hier de vruchten van. Point One, het Polymeer Instituut, het Holst Centrum en het Biomedical Instituut kunnen we door Brainport veel beter aan elkaar koppelen.‘

’Brainport heeft nut voor de universiteit. Bijvoorbeeld door het Scholarship Program waarbij tientallen getalenteerde studenten uit het buitenland de kans krijgen om een master te halen in Eindhoven. Buitenlands talent deze kant op halen is ontzettend belangrijk. Het is een feit dat deze regio onvoldoende talent biedt vanuit de vwo‘s.‘

Wat is er niet bereikt?

’Ik vind dat we bij Brainport moeilijk kunnen kiezen. We hebben de neiging om er op alle gebieden uit te willen springen. Ik vind dat we ons binnen Brainport moeten concentreren op de ontwikkeling van hightech systemen en materialen zoals embedded software en precisiesystemen. Design en voedsel zouden minder prioriteit moeten krijgen. Nu verdelen we onze aandacht nog te veel. Maar iedere regio heeft moeite om een koers te kiezen. Je moet zo‘n proces ook de tijd geven, we zijn nog niet zo heel erg lang bezig.‘

In welke mate wil Brainport invloed uitoefenen? De manier waarop bijvoorbeeld Embedded House naar buiten treedt is niet bij iedereen goed gevallen.

’Brainport is min of meer een organisatie op papier. Daarnaast bestaan er projectvormen die zelfstandig moeten opereren. Brainport probeert deze projecten te accommoderen met startsubsidies. Maar ze moeten zich met de loop van deze projecten niet te veel bemoeien. Als een partij zich onheus bejegend voelt, dan moeten ze dat onderling kunnen uitspreken. Als Embedded House geen meerwaarde heeft, omdat er al te veel spelers op de markt zijn, dan zal het vanzelf een schone dood sterven. Maar ik denk niet dat dat zal gebeuren, omdat Embedded House verbonden is met de goede naam van Brainport. Mensen zoeken vaak herkenning en veiligheid als ze op zoek zijn naar advies of hulp en zullen dat kunnen vinden in Embedded House.‘

TUE-voorzitter Amandus Lundqvist ziet de toekomst voor Brainport rooskleurig in

Ziet u het voornemen van Den Haag, om te pieken in de delta als een onmogelijke missie?

’Ik zie wel dat de overheid moeite heeft om minder goed draaiende gebieden minder aandacht te geven. Maar ik heb zelf binnen Brainport aan de vooravond van veel initiatieven met heel veel partijen om de tafel gezeten. Daar kwam ik erachter dat er uit alle regio‘s verschillende belangen naar voren kwamen. Ik weet uit ervaring hoe hard regio‘s strijden voor hun belangen. Daarom is het logisch dat de Haagse geldstroom niet in een keer deze kant op gaat. Pieken in de delta is niet onmogelijk , maar wel moeilijk. Voor mij eindigt innovatie ook niet bij de provincie- en landsgrenzen. Het is bijvoorbeeld al lastig om in de driehoek Eindhoven-Leuven-Aken een win-win-winsituatie te creëren.‘

In een rapport van ABN Amro staat dat MKB‘ers Brainport niet transparant genoeg vinden als het gaat over subsidieaanvragen. Is het landelijke subsidiebeleid vaag? Kan Brainport daar verbeteringen aanbrengen?

’WBSO-subsidie aanvragen bij Senternovem is inderdaad lastig voor MKB‘ers. Maar dit zijn niet de enige technologiesubsidies voor kleine en middelgrote bedrijven. Senternovem geeft kleine en grote vouchers uit, in totaal ongeveer vierduizend. Die werken heel stimulerend. De universiteit heeft er ook veel gekregen. Ze hebben ook nadelen. De geldbedragen zijn laag, het aanvraagtraject bureaucratisch. Maar dat heb je altijd met publieke geldbedragen. Als je echt interesse hebt in technologische innovatie, dan moet je even flink wat werk verzetten. Het geld komt niet aanwaaien.‘

Moet er vanuit Den Haag meer regie komen over Brainport?

’Nu proberen wij als universiteit partners te vinden via programma‘s als het Europese subsidieprogramma Artemis en het Zevende Kaderprogramma. Het bedrijfsleven legt binnen deze samenwerkingsprojecten gigantisch veel geld op tafel. Uit de bijeenkomsten komen vaak interessante initiatieven en ideeën naar voren. In de praktijk denkt de rijksoverheid dan: ’Nu kunnen we niet achterblijven‘, en schaart zich vervolgens achter ons. Wij nemen zelf vaak het initiatief. De overheid volgt. Ook heeft de overheid af en toe moeite om te kiezen voor deze regio. Dat is onvermijdelijk, zoals ik al zei. Er is echter al een groot verschil met de verdeling van subsidies in het verleden. Toen werd er nog volop in regio‘s geïnvesteerd die het helemaal niet goed deden, zoals Groningen en Limburg. Sinds het nieuwe kabinet zijn er echte speerpunten ontwikkeld. Brainport is er daar een van. Nu zie ik vaak afgunstige blikken van mensen uit de technologische sector in Amsterdam of Twente. Zij zien het allemaal hier gebeuren en komen ook hierheen om lezingen te volgen of bij te praten. Hier in Eindhoven is het op hightechgebied te doen. Ik zie de toekomst voor Brainport rooskleurig in.‘