Opinie

Voortschrijdend inzicht

Hans Sassenburg
Leestijd: 3 minuten

Enkele jaren geleden werd ik gevraagd een project door te lichten. In de eerste plaats wilden mijn opdrachtgevers weten of de einddatum haalbaar was. Op dit gebied voel ik me gelukkig redelijk thuis, met name als het gaat om embedded systemen. Ondersteunende tools als Cocomo II maken het leven extra gemakkelijk.

In de tweede plaats wilden ze mijn oordeel over de architectuur. Was deze goed genoeg om de komende jaren nieuwe functionaliteit toe te voegen? En konden delen worden hergebruikt? Laat ik eerlijk zijn. Hoewel gevraagd als schrijver voor de architectencolumns, is mijn ervaring als softwarearchitect beperkt, behoorlijk beperkt zelfs. Het is dus maar de vraag of ik de juiste persoon ben om dat oordeel te vellen. Maar de vraag intrigeerde me.

Hoe kunnen we vaststellen of een architectuur zich leent voor uitbreidbaarheid? Dit is immers de meest voorkomende vorm van wat wij in softwareland ’onderhoud‘ noemen. Het is zelfs de hoogste kostenpost in de levenscyclus van een softwareproduct. Een discussie met enkele collega‘s leverde twee eenvoudige metrieken op: eenvoud (de inverse van complexiteit) en modulariteit.

This article is exclusively available to premium members of Bits&Chips. Already a premium member? Please log in. Not yet a premium member? Become one and enjoy all the benefits.

Login

Related content