Achtergrond

Laadpalen – van standaardisatie tot een werkend businessmodel

Koen Vervloesem
Leestijd: 11 minuten

Laadpalen schieten de laatste jaren als paddenstoelen uit de grond in Nederland en Vlaanderen. Nu er eindelijk een Europese standaardstekker is en de grootste spelers in Nederland ook elkaars laadpasjes accepteren, is de markt klaar voor een bredere adoptie van elektrisch rijden. Toch is er nog een aantal technologische uitdagingen, en ook de zoektocht naar een werkend businessmodel moet nog beginnen.

Een van de bekendste Nederlandse spelers in elektrische palen is de stichting E-Laad.nl, die nu 250 oplaadpunten heeft en er tegen eind volgend jaar tienduizend in Nederland geïnstalleerd wil hebben. Een van de leveranciers aan E-Laad.nl is Reewoud, dat zijn palen onder het gedeponeerde merk Chargepoint op de markt brengt. Edwin de Veen, directeur van de Chargepoint-divisie, rijdt zijn dagelijkse kilometers zelf met een elektrische auto, de Tesla Roadster. Zijn bedrijf heeft al een duizendtal oplaadpunten verkocht, niet alleen in Nederland maar ook in Ierland en Duitsland.

’In Nederland zijn er ongeveer 1,4 oplaadpunten per elektrische auto nodig, en dat is een beetje een kip-of-eiprobleem‘, stelt De Veen. ’Maar de autofabrikanten beginnen nu elektrische auto‘s in volume te produceren, dus ik denk dat het vlug hard zal gaan. Nissan maakt nu maandelijks vierduizend elektrische auto‘s wereldwijd en ook Renault is ermee begonnen. We verwachten dan ook dat we de komende jaren duizenden laadpalen kunnen verkopen.‘

This article is exclusively available to premium members of Bits&Chips. Already a premium member? Please log in. Not yet a premium member? Become one and enjoy all the benefits.

Login

Related content