Kwaliteit en passie belangrijker dan groei

Reading time: 6 minutes

Author:

Philips Medical gaf zijn Enter MBedded een vliegende start. En nog altijd is het huidige Healthcare een belangrijke klant voor Roland Poesen, net zoals veel andere klanten van het eerste uur. ’Als je ze goed helpt, komen ze terug.‘

Je moet je afspraken nakomen, je moet luisteren naar de markt, maar bovenal moet je passie aan de dag leggen. Dat zijn de ingrediënten voor het succes van de Eindhovense detacheerder Enter MBedded, aldus directeur en medeoprichter Roland Poesen. ’Je moet er energie in stoppen. Daar begint het mee. Dat moet je vertalen naar je medewerkers en je klanten. Het helpt als je in je vorige leven hebt gezien wat wel werkt en wat niet.‘

Poesen leerde het klappen van de zweep kennen bij Randstad, waar hij in 1995 begon als accountmanager. ’Dat was een prachtige leerschool. Ik heb daar heel veel kansen gekregen. Als je die pakt, dan wordt dat gezien en wordt er in je geïnvesteerd. Ik heb een MBA mogen doen. En ik heb er Yacht TA opgezet.‘

’Vanuit Ericsson in Rijen kregen we de vraag of we naast systeembeheerders ook technische automatiseerders konden leveren. Daar ben ik in 1997 mee aan de slag gegaan. Het probleem was dat er wel een markt was maar dat er geen mensen waren. Om daar een mouw aan te passen, ben ik begonnen met het Academy-concept. Drieënhalf jaar lang twee keer per jaar hebben we vijftien mensen binnengehaald en opgeleid. Dat werkte goed. Ik ben in mijn eentje begonnen en toen ik wegging, hadden we 135 mensen.‘

Poesen pakte zijn biezen in 2001. ’Binnen Randstad had je Yacht ICT met embedded-mensen en Yacht Technology met industriële-automatiseringsmensen. Met de directie had ik de afspraak dat die zouden worden samengevoegd in Yacht TA. Dat zou een goed concept zijn en duidelijkheid geven naar de markt. Toen kwam er een directiewisseling en kwam het hele plan op losse schroeven te staan. Maar ik had mijn woord gegeven aan de medewerkers. Dat kon ik nu niet waarmaken. Daarom ben ik opgestapt.‘

100 procent detachering

Van zijn vertrek bij Randstad zegt Poesen te hebben geleerd hoe het vooral niet moet. ’Ik besloot toen zelf een bedrijf te bouwen waarin ik alle goede aspecten wilde samenbrengen zonder afgeleid te worden door allerlei managementzaken. Een bedrijf met korte lijnen, met weinig gelaagdheid, met weinig wisselingen. Mensen storen zich aan managementwisselingen. Ik wilde een bedrijf waar mensen zich mee kunnen identificeren, waar ze zich gewaardeerd voelen.‘

Met Marc Quakkelaar, zijn rechterhand bij Yacht, en financiële steun van NV Rede startte hij in 2001 Enter MBedded. Quakkelaar ging in Delft een vestiging bestieren, Poesen een kantoor in Eindhoven. ’Marc had een opdracht bij Rijkswaterstaat, ik bij Philips Medical Systems. Dat wilde de hele Academy hebben, waarbij wij onder hun naam de werving deden. Dan heb je het ineens over driehonderd mensen. Die belde ik na, ik haalde kandidaten van het station en bracht ze naar het kantoor. Ik denk dat we zo‘n honderdtwintig mensen over de vloer hebben gehad. Uiteindelijk hebben we er vijftien aangenomen, van wie er drie bij ons zijn gebleven en twaalf naar Medical zijn gegaan. Elf werken daar nu nog steeds. Dus je kunt wel spreken van een groot succes. Philips Medical heeft ons een vliegende start gegeven.‘

Roland Poesen, directeur en medeoprichter van Enter MBedded: ’Vaste klanten weten dat als wij iemand voorstellen, dat ze die dan blindelings kunnen aannemen.‘

Enter MBedded was net lekker uit de startblokken toen de twee vliegtuigen zich in de Twin Towers boorden. ’Door onze flexibiliteit konden we echter goed blijven ademen. In die tijd hebben we veel samengewerkt met concullega‘s. Langzaam hebben we goede mensen kunnen aantrekken uit de markt. Zo zijn we gestaag gegroeid. Rond 2005 begon de behoefte aan multidisciplinaire mensen toe te nemen. Ook werden we steeds vaker gevraagd om mee te denken in andere hoeken, bijvoorbeeld de mechatronica. Daarom zijn we toen een nieuwe activiteit gestart: Enter Technology.‘

De vestiging in Delft heeft zich inmiddels afgesplitst en gaat tegenwoordig door het leven als TA Team, nog steeds onder leiding van Quakkelaar. ’De markt daar is anders‘, verklaart Poesen. ’Het is meer een projectenbusiness. In Delft bestaat 80 procent van het werk uit projecten en 20 procent uit detachering; in Eindhoven doen we 100 procent detachering. Dat is ook altijd mijn doel geweest. In het westen liggen de tarieven ook een stuk hoger dan in het zuiden. Daarom hebben we besloten er twee entiteiten van te maken.‘

Blindelings

Vanuit het kantoor op het Science Park in Son onderhouden Poesen en zijn team het contact met zo‘n zeventig gedetacheerden, veertig van MBedded en dertig van Technology. De specialismen van de MBedded-mensen zijn het ontwikkelen van technische software (applicaties, embedded, user-interfaces), softwaretesten, configuratiemanagement en projectleiding. Bij Technology ligt het zwaartepunt op systeemtest en -integratie in mechatronische omgevingen en elektronicaontwikkeling.

’Onze mensen beschikken over een grote dosis technische kennis‘, aldus Poesen. ’Soft skills zijn echter minstens zo belangrijk. Om erachter te komen wat de klant wil, moet je communicatief zijn. Je moet hun omgeving begrijpen. Bovendien moet je het leuk vinden om steeds in nieuwe omgevingen te werken en andere technieken te zien. Als je zeven jaar ergens wilt blijven zitten, moet je maar bij die klant gaan werken.‘

Poesen investeert ook veel in de opleiding van zijn troepen. ’We faciliteren onze mensen in hun ontwikkeling. Niet meer met Academy‘s, maar wel met trainingstrajecten. Dat doen we ook voor onze klanten. Daarvoor werken we veel samen met hogescholen. Als je je mensen niet opleidt, dan is dat niet goed voor die mensen, en dus niet goed voor je bedrijf. Want het zijn de mensen die hier werken, die het bedrijf maken.‘

De klanten van Enter MBedded zitten in de consumentenelektronica, data- en telecom, de machinebouw, maritieme systemen, medische apparaten, verkeer en vervoer, en wetenschappelijke toepassingen. ’We willen klanten breed van dienst zijn. Bedrijven willen ook een partij die op meerdere fronten kan leveren. Daarbij zoeken ze niet alleen multidisciplinaire mensen, maar ook de diensten eromheen. Wij bieden goede mensen tegen een aanvaardbare prijs. Vaste klanten weten dat als wij iemand voorstellen, dat ze die dan blindelings kunnen aannemen. Verschillende klanten van het eerste uur hebben we nog steeds als klant. Als je ze goed helpt, komen ze terug. Niet voor niets zijn we bij Océ een van de voorkeursleveranciers.‘

Over zijn tariefstelling is Poesen kort: ’Goede mensen moet je goed belonen, en dat tarief moet je doorberekenen aan de klant. Dat is je businesscase. Voor sommige mensen zijn klanten bereid om meer te betalen. Nu is dat bijvoorbeeld voor specialisten in Agile en Scrum. Dat moet je meenemen in je keuzes.‘

Groei heeft niet de hoogste prioriteit. ’We gaan niet hard groeien. We willen ons graag meten met de groten, maar we willen niet mainstream worden. Over vijf jaar zullen we niet heel veel groter zijn, ik schat een man of honderd. We zouden harder kunnen groeien, maar dan zouden we concessies moeten doen aan de kwaliteit. Je moet ook nee durven verkopen. Wel denken we erover na om het aantal vestigingen uit te breiden, zodat we het management meer lokaal kunnen organiseren.‘