Opinie

Importeer bèta’s, exporteer alfa’s

Bram Nauta is hoogleraar IC-design op de Universiteit Twente.

Leestijd: 3 minuten

Nederland raakt achterop in de vaart der volkeren. We zakken op de ranglijsten, doen te weinig aan onderzoek en ontwikkeling, en praten daar vooral veel over. Er moet nog heel wat gebeuren willen we de doelstellingen van Lissabon in 2010 halen; nog 5 jaar te gaan. Ik zal hier geen getallen gaan oplepelen, maar ik ben niet echt optimistisch.  

De banengroei in ons bits-en-chipsvak is duidelijk verschoven naar Azië. Geruime tijd geleden verschoof de productie van IC‘s al naar landen als Taiwan, Singapore en Korea – destijds nog lagelonenlanden. Het welvaartsniveau is daar inmiddels gestegen en er ontstaan nu veel hoogwaardige design- en researchbanen. De overheden hebben dit via een strak plan georganiseerd en hebben er niet voor geschuwd om heel erg veel te investeren in universiteiten en onderzoeksinstellingen. Taiwanese universiteiten overspoelen momenteel internationale conferenties en journals met hun output, vaak van hoge kwaliteit. Ze leiden veel studenten op, die terugvloeien in de nationale economie. Aangezwengeld door lage lonen groeit op dit moment in China de productie van IC‘s. Omdat ook de klanten van de IC-fabrikanten intussen in China zitten, zal het designwerk er nog wel sneller naar toe stromen.

Wat doen wij intussen? Wij hebben veel te weinig bètastudenten op hbo en universiteiten. Dit heeft ondermeer te maken met desinteresse van de jeugd, de vermeende moeilijkheid van bètastudies en het foute imago. Er zijn veel initiatieven zoals Jetnet om techniekstudenten te werven, maar de effecten zijn nog niet meetbaar. Op de universiteiten moeten we het momenteel hebben van de Aziatische zij-instroom. Deze veelal Chinese studenten werken hard en lang, en liggen keurig op schema. De meeste Nederlandse studenten kiezen voor ’leuk‘ en dat betekent vaak een alfastudie met weinig studiedruk en veel sociale activiteiten. Al deze alfa‘s gaan vroeg of laat een baan vinden. Zo ontstaat een maatschappij waar veel alfa‘s werken en weinig bèta‘s. Dat is niet conform onze gewenste kenniseconomie. Zolang deze alfa‘s maatschappelijk of economisch gezien nuttig werk doen, is er uiteraard niks mis mee. Het probleem is echter dat ze steeds vaker op plekken terecht komen die wel een bezigheid betreffen, maar niet bijdragen aan economische groei. Zo zijn er allerlei mensen die moeilijke regels opstellen, mensen die daar voorlichting over geven en weer anderen die kijken of die regels wel goed worden nageleefd. Je ziet dit overal terug: in de zorg, in het onderwijs, justitie, bij de belastingdienst. Overal duiken mensen op om ’ons van dienst te zijn‘ maar in feite houden ze ons gewoon van het werk. Ik denk dat we hierin zijn doorgeschoten.

This article is exclusively available to premium members of Bits&Chips. Already a premium member? Please log in. Not yet a premium member? Become one and enjoy all the benefits.

Login

Related content