Analyse

Hightech aan het infuus

Paul van Gerven
Leestijd: 4 minuten

De Nederlandse hightech kreeg als enige sector een financiële injectie toen de kredietcrisis was overgeslagen naar de reële economie. Is die hulp ter waarde van honderd miljoen euro gerechtvaardigd?

In reactie op de mondiale recessie kondigde minister Van der Hoeven een pakket maatregelen af om Nederlandse bedrijven met een grote R&D-afdeling te ondersteunen. Er kwam een verruiming van de WBSO om de loonkosten van R&D-werknemers te drukken, een kenniswerkersregeling (KWR) om werknemers gesubsidieerd te detacheren bij een kennisinstelling en een regeling voor elektrische voertuigtechnologie. Ook de Hightech Topprojecten (HTTP) werden in het leven geroepen. Honderd miljoen euro kreeg de hightechsector om grote projecten op te tuigen in het kader van Point-One en HTas.

Laten we eens kijken wie er in de prijzen zijn gevallen. We hebben een chipmachinemaker die met meer dan een miljard euro op de bank bepaald niet armlastig is. De EUV-machine die de overheid via de HTTP cofinanciert, is dermate belangrijk voor het voortbestaan van het bedrijf dat het onderzoek hoe dan ook wel was doorgezet. We hebben ook een chipfabrikant die onder druk van zijn schuldenlast al ruim een jaar de ene sanering na de andere doorvoert. Daarmee laat dit bedrijf deels met subsidie opgebouwde kennis verloren gaan en toont het bepaald geen groot commitment aan de Nederlandse kenniseconomie. Neerlands grootste elektronicaconcern valt te verwijten dat het aan die schuldconstructie heeft meegewerkt, gretig als het was om zijn oorlogskas te spekken. Dan hebben we nog een printerbouwer die de subsidie in Japanse zakken laat verdwijnen en een elektronenbundelspecialist die het geld misschien wel helemaal laat verdampen, want of die ooit de markt gaat halen, is nog onduidelijk.

This article is exclusively available to premium members of Bits&Chips. Already a premium member? Please log in. Not yet a premium member? Become one and enjoy all the benefits.

Login

Related content