Achtergrond

De hele wereld gebruikt Philips’ I2C-bus

Leestijd: 3 minuten

In de Bits&Chips-serie van de beste chipontwerpinnovaties die de Lage Landen hebben voortgebracht deze keer deel 1: de inter-integrated circuit-bus oftewel de I2C-bus van Philips.

Eind jaren zeventig, begin jaren tachtig waren radio’s en tv’s gemeengoed geworden in Europese en Amerikaanse huiskamers, maar veel toeters en bellen hadden deze (analoge) toestellen niet. Digitale elektronica bracht daar verandering in. Het prijsniveau van (digitale) chips en andere elektronica was dusdanig gezakt dat er veel meer mogelijk werd. Een ledschermpje op de radio of cd-speler, een on-screen menu om de tv in te stellen: handige extra’s waar de consument van smulde, en die fabrikanten als Philips dus maar wat graag toevoegden aan hun apparaten.

Meer functies betekende in die tijd vaak meer chips, en die chips moesten met elkaar communiceren. De toenmalige standaardmethodes voor communicatie tussen componenten bleken daar echter niet op berekend. Elke twee ic’s die met elkaar moesten praten, moesten direct met elkaar worden verbonden en er waren tot wel acht verschillende draadjes per verbinding nodig. Naarmate het aantal ic’s op de printplaat toenam, waren er zodoende steeds meer draadjes op de printplaat nodig en bovendien meer i/o-pinnen aan de chip. Dat kostte extra ruimte en zorgde voor extra kosten – kosten die iedere producent van consumentenelektronica kan missen als kiespijn.

This article is exclusively available to premium members of Bits&Chips. Already a premium member? Please log in. Not yet a premium member? Become one and enjoy all the benefits.

Login

Related content