Achtergrond

De factor mens

Alexander Pil
Leestijd: 8 minuten

De softwarecrisis is nog niet voorbij. Veel projecten zijn over tijd en hebben onvoldoende kwaliteit. De zoektocht naar de heilige graal levert talrijke nieuwe processen, methoden en tools, maar in de praktijk zijn ze geen garantie voor succes. Pas als de menselijke factor wordt meegenomen, verbeteren resultaten daadwerkelijk. Communicatie, feedback, coachen, erkenning en waardering zijn essentiële onderdelen van een verbetertraject. Ben Linders geeft een overzicht van modellen voor verbetering en zoomt in op de factor mens.

Over het verbeteren van softwareontwikkeling breken we ons al decennialang het hoofd. Klassiekers zoals ’Principles of software engineering management‘ van Tom Gilb, ’Quality software management‘ van Gerald Weinberg en ’Managing the software process‘ van Watts Humphrey zijn al ruim twintig jaar oud. De term software process improvement (SPI) ontstond. Traditioneel lag de nadruk op procesverbetering. Het meest gebruikte model was het Capability Maturity Model (CMM, nu opgevolgd door CMMI waarbij de I voor integration staat) van het Software Engineering Institute (SEI). Als een organisatie zijn processen definieerde en de medewerkers opleidde, zouden goede bedrijfsresultaten vanzelf volgen.

Naarmate het SPI-vakgebied zich ontwikkelde, werd duidelijk dat alleen betere processen niet voldoende zijn. Er kwam aandacht voor methoden en tools om de processen te verfijnen en te automatiseren. Er volgde discussies over wat nu het belangrijkste is, het proces (wat beschrijft wat er moet gebeuren), de methode (hoe je het moet doen) of de tools (waarmee je het kunt doen). De meningen verschilden, maar iedereen was het er wel over eens dat we alle drie nodig hadden voor succesvolle verbetering.

This article is exclusively available to premium members of Bits&Chips. Already a premium member? Please log in. Not yet a premium member? Become one and enjoy all the benefits.

Login

Related content