Redactioneel

Adaptronica

René Raaijmakers is hoofdredacteur van Bits&Chips.

Leestijd: 3 minuten

Het was voor sommige researchers even slikken toen EU-programmaleider Hans Brelen vorige week in Brussel het woord nam over de toekomst van het Europese mechatronicaonderzoek. Mechatronica-stakeholders uit industrie, onderzoek, onderwijs en EU-overheid kwamen uit heel Europa naar België. In de Diamanttoren organiseerde Agoria een slotevent voor Eumecha-pro, een Europese coördinatieactie met de focus op mechatronica als essentiële technologie voor de volgende generatie van productiesystemen.

Het Zesde Kaderprogramma Eumecha-pro (www.eumecha.org) wordt deze zomer afgerond. De actie had als belangrijkste doelstellingen om roadmaps te identificeren, competentiecentra in kaart te brengen en best practices voor mechatronicaonderwijs en industriële toepassingen te promoten.

In Brussel luisterden bezoekers naar een interessant programma en naar de prioriteiten voor de honderden miljoenen euro‘s die de komende jaren binnen het Zevende Kaderprogramma voor mechatronica vrijkomen. Dat maakte de afwezigheid van hightech-Nederland opvallend. De zwaarste delegatie kwam uit Twente: twee mensen van het Drebbel Instituut (UT) en een van MK Products uit Almelo. Verder iemand van de TU Delft. Van de machinebouwindustrie was slechts OTB Engineering aanwezig – de rest van de mechatronica-as Eindhoven-Helmond-Venlo hadden het blijkbaar te druk. Gek, want dit was toch een buitenkansje om kennis te maken met het Europese mechatronicaspeelveld. Technologiebazen uit uiteenlopende markten (houtbewerken, landbouwmachines en robots) lieten tijdens de bijeenkomst zien waarom stevig inzetten op mechatronica-R&D helpt om marktleidersposities te verwerven en te behouden. En dat allemaal op een uurtje rijden van de Nederlandse zuidgrens.

This article is exclusively available to premium members of Bits&Chips. Already a premium member? Please log in. Not yet a premium member? Become one and enjoy all the benefits.

Login

Related content